Arctium minus pubens - Lesser Burdock-Löşlek


Algemeen

Ondanks de schijnbare succesvolle (bijna irritante) eigenschap om overal tegen aan te klitten is deze plant niet overal te vinden  in Nederland. Zeker in het Noorden en in grote delen van noord-Brabant laat hij het afweten. Kennelijk speelt de bodemgesteldheid ook een belangrijke rol. Vroeger werden de wortels van Grote klit veel gegeten. De penwortels kunnen lang worden (soms een halve meter) en men at het in Europa al een soort casave. In Japan geld het echter nog steeds als een maaltijd onder de naam "Takinogawa Long". 

Elk jaar is er weer een discussie op sociale media of het nu Klis of Klit is. Het mag allebei! Al zie ik de laatste tijd een voorkeur (inclusief ikzelf) voor het gebruik van Klit. Er zij meerdere verschillen tussen Gewone/Kleine klit en Grote klit. Maar het voornaamste verschil is wel dat de Grote klit (Arctium lappa) onderscheidt zich van de Gewone klit/Kleine klit (Arctium minus) klit doordat de bladsteel van de rozetbladen bij de Grote klit gevuld en bij de Gewone klit aan de voet hol is. Aangezien dit op zicht het eerste en belangrijkste verschil is kan je onthouden dat de Grote klit Goed gevuld is. 

Verklaring Nederlandse naam

Gewone/Kleine want er bestaan verschillende soorten Klitten. O.a. de Grote klit (Arctium lappa) en de  Donzige klit (Arctium tomentosum). Klein is hier absoluut niet maatgevend. Het is puur ter onderscheid van de andere soorten. Het verschil is alleen in een goede flora te lezen.

De naam klit is vanzelfsprekend. Door de stekelige bloemhoofdjes blijven deze overal aan klitten. De wetenschappelijke naam voor de soortnaam voor Klit (Arctium lappa) bevestigt dit. Lappa is afgeleid van Labein (Grieks) en betekent "vasthouden". Dit omdat de stekelachtige bloemhoofdjes met hun weerhaakjes makkelijk blijven haken aan de vacht van een dier (of aan sokken, jas e.d.).

Namen in andere talen

  • English: Lesser burdock
  • Français: Bardane à petites têtes
  • Deutsch: Kleine Klette
  • Espanõl: Lampazo menor
  • Italiano: Bardana minore
  • Svenska: Liten kardborre 
  • Norsk: Småborre
  • Dansk: Liden Burre

Verklaring Buitenlandse namen

De Engelse naam is Lesser burdock. Lesser betekent "kleinere" er bestaat ook een Greater burdock (Arctium lappa) en het woord Burdock bestaat uit twee delen. Met Bur wordt een stekelig hoofdje /bol bedoeld. Het zou kunnen komen van de Scandinavische taal. Bijvoorbeeld het Deense Burre. Het woord Dock zou refereren naar de grote bladeren van de plant. Dit heb ik echter nog nooit gelezen.

De Franse naam is Bardane à petites têtes. De herkomst van het woord Bardane is hoogst onzeker. De enige verklaring die ik tegen kwam is dat het woord zou afstammen van het middeleeuwse Latijn Bardana. Later is dit weer veranderd in Dardana en dit is weer overgenomen in het Duits. Maar wat ik al schreef, hoogst onzeker. Dus is de herkomst van Bardana eigenlijk Onbekend. À petites têtes betekent "met kleine hoofden". Dit kleine is relatief en dient puur ter onderscheid. Grote klit heet in Frankrijk Grande Bardane

De Duitse naam is Kleine Klette, Dit betekent het zelfde als de Nederlandse, Kleine klit. Wat in andere talen ook wordt gezegd over het woord Kleine geldt ook in Duitsland. Daar heet de Grote klit Große Klette.

De Italiaanse naam is Bardana minore.  Monore betekent "kleinere". Dit is relatief. De plant is niet kleiner. Het is puur ter onderscheid. De Grote klit heet in Italië Bardana maggiore. Er is niet één specifieke Italiaanse naam voor een plant, dit verschilt per regio. De hier genoemde naam kan ook nog varianten hebben.

De Zweedse naam is Liten kardborre. Liten betekent "klein". Kard komt van Karda wat "kaarden" betekent en met Borre wordt in het algemeen een bol met stekels mee bedoeld. Dus een klit om wol mee te kaarden.

De Noorse en Deense naam is min of meer gelijk,  Småborre/Liden Burre. Dus "kleine borre".

Ecologie & Verspreiding

Ecologie

Bodem
Zonnige tot licht beschaduwde, vaak vrij open open plaatsen op matig droge tot vochtige, voedselrijke, zwak zure tot kalkhoudende, omgewerkte grond.

Groeiplaats
Bermen, ruige dijken, ruigten (humeuze ruigten), bossen (lichte plekken in loofbossen en oeverwalbossen), struwelen, heggen, kapvlakten, zeeduinen, plantsoenen, langs spoorwegen (spoorwegterreinen), braakliggende grond, ruderale plaatsen, puinhopen, aan de voet van vrijstaande of vervallen muren, bij mesthopen en bij bebouwing.

Verspreiding

Nederland
Kleine klit: Zeer zeldzaam in Oost-Nederland en Zuid-Limburg. Middelste klit: Algemeen, maar vrij zeldzaam in het noordoosten.

Vlaanderen
Zeer algemeen.

Wallonië
Algemeen, maar iets minder in de Ardennen.

Wereld
Europa, Noordwest-Afrika, West-Azië en Noord-Amerika. Ook in Nieuw-Zeeland en Australië. Kleine klit: Het meest in Midden-Europa. Ingeburgerd in grote delen van Noord-Amerika. Middelste klit: Met name in West- en Midden-Europa.

Meer

Zie ook de wetenschappelijke verklaring

Verspreiding Gewone klit/Kleine klit

FLORON Verspreidingsatlas vaatplanten