JasioneMontana


Algemeen

In sommige oude kruidboeken heeft Zandblauwtje nog de wetenschappelijke naam Scabiosa minor. Dit geeft de suggestie dat deze plant toebehoort aan de  Kaardebolfamilie (Dipsacaceae) waaronder o.a. ook Duifkruid (Scabiosa columbaria), Beemdkroon (Knautia arvensis) en Blauwe knoop (Succisa pratensis) onder vallen. Zandblauwtje lijkt er wel op maar er zijn verschillen! Een goede flora laat deze goed zien.

Verklaring Nederlandse naam

De naam Zandblauwtje heeft alles te maken met de groeiplaats. Door de lange penwortel van dit plantje is Zandblauwtje in staat om op zeer schrale grond (zand, heidevelden, spoorwegemplacementen etc.) goed stand te houden. Het bloemetje is natuurlijk blauw maar als uitzondering ook soms wit. Ook zijn er veel cultuurvarianten die er afwijkend uit zien.

Namen in andere talen

  • English: Sheep's-bit
  • Français: Jasione des montagnes
  • Deutsch: Berg-Sandglöckchen
  • Espanõl:
  • Italiano: Vedovelle annuali
  • Svenska: Blåmunkar
  • Norsk: Blåmunke
  • Dansk: Blåmunke

Verklaring Buitenlandse namen

De Engelse naam is Sheep's-bit. Dit betekent "schapenbeet". Tot nu toe heb ik totaal geen verband gevonden tussen schapen en Zandblauwtje. Er is dus géén mooi verhaal als dat van Blauwe knoop (Succisa pratensis) dat in de wetenschappelijke naam en in meerde talen een verhaal heeft over een door de duivel afgebeten wortelstok. Ook is Zandblauwtje absoluut geen familie van de Blauwe knoop.

De Franse naam is Jasione des montagnes. Dit is de Franse benaming voor de volledige wetenschappelijke naam.

De Duitse naam is Berg-Sandglöckchen. Dit betekent "berg-zandklokje". Het woord Berg komt terug in het tweede gedeelte van de wetenschappelijke naam. Het woord Zandklokje zegt niet alleen iets over de groeiplaats maar ook de familie waar Zandblauwtje bij behoort, de Klokjesfamilie (Campanulaceae)

De Zweedse, Noorse en Deense naam is nagenoeg gelijk, Blåmunkar/Blåmunke/Blåmunke. Dit betekent "blauwe monnik".

Ecologie & Verspreiding

Ecologie

Bodem
Zonnige, open (pioniervegetatie) tot grazige plaatsen op droge, voedselarme, zwak zure, kalkarme en humusarme grond (zand, leem en stenige plaatsen).

Groeiplaats
Grasland (open plekken in schraal grasland), bermen (open plekken), dijken, heide, rotsachtige heuvels, klippen, zeeduinen (laag duingrasland), braakliggende grond, op aangevoerd zand, greppelkantjes, afgravingen (zandgroeven), hellingen, industrieterreinen en langs spoorwegen (spoorbermen en spoorwegterreinen).

Verspreiding

Nederland
Vrij algemeen in het oosten en midden van het land en in de duinen en zeldzaam in Zuid-Limburg.

Vlaanderen
Vrij algemeen in de Kempen en vrij zeldzaam in het kustgebied. Elders zeldzamer. Achteruitgaand.

Wallonië
Vrij zeldzaam in de Ardennen, Lotharingen en een deel van de Leemstreek.

Wereld
In Europa, behalve in het hoge noorden en in een deel van het zuidoosten. Verder in Noordwest-Afrika en het noordwestelijke deel van Klein-Azië. Ingevoerd in Nieuw-Zeeland en op enkele plekken in Noord-Amerika.

Meer

Zie ook de wetenschappelijke verklaring

Verspreiding Zandblauwtje

FLORON Verspreidingsatlas vaatplanten