Agrostemma githago

Algemeen

Deze plant is prima te herkennen aan de 5 roze/rode kroonbladen met uitstekende kelktanden tot of voorbij die kroonbladen. Bolderik was vroeger zeer algemeen. De zaden van deze plant werden o.a verspreid door zaaigraan. Elke keer als er dan geoogst werd bleven er zaden achter in het graan die dan de volgende keer werden uitgezaaid. Helaas is deze methode gestopt door nieuwe grondige zaadschoningsmethodes. In 50 jaar is Bolderik dus  ook sterk achteruit gegaan. De eerste kennismaking met Bolderik of de veel zeldzamere Aziatische variant Agrostemma brachylobum voor u zal dan ook de heemtuin zijn geweest of in een wegberm of tuin waar akkeronkruid is ingezaaid. Want in het wild is de plant Bolderik een vrij zeldzame soort en is inderdaad sinds 1950 met 75 % tot 100 % achteruit gegaan. Bolderik bloeit in Juni en Juli.

Verklaring

De officiële wetenschappelijke naam is Agrostemma githago L.

Agrostemma komt van Agro (Latijn) wat akker betekent. Bolderik komt veel voor langs de rand van korenvelden als een soort krans. Dit laatste komt van Stemma (Latijn) betekent namelijk krans.

De giftige zaden van de plant konden makkelijk met het graan meegeoogst worden. Dit kon tot voedselvergiftiging leiden. Op dit zwarte zaad heeft Githago betrekking. Githago komt van Git (Latijn) en betekent namelijk "zaad/komijn". De wetenschappelijke naam voor komijn is overigens Nigella sativa.

Meestal staat er achteraan de wetenschappelijke naam een afkorting. Dit is de afkorting van een wetenschapper/botanicus die deze plant deze plant heeft ontdekt/verzameld en tot details heeft beschreven. Soms staat er een tweede afkorting. Dan heeft een andere wetenschapper/botanist de plant nog beter  beschreven en iets gewijzigd. De eerste naam komt dan tussen haakjes te staan. In dit geval is dit (L.) Dit staat voor Carl Linnaeus.

Namen in andere talen

  • English: Corn Cockle
  • Français: Nielle des blés
  • Deutsch: Kornrade
  • Espanõl: Negrillon
  • Italiano: Gittaione comune
  • Svenska: Klätt
  • Norsk: Klinte
  • Dansk: Klinte

Verklaring Buitenlandse namen

De Engelse naam is Corn Cockle: Corn betekent "graan". De enige verklaring die ik heb gevonden is dat het woord Cockle is afgeleid van Popple. Dit betekent zoiets als het geluid dat je hoort als een bel uit het water boven water uitkomt. Dit geluid zou je moeten vergelijken met het samenknijpen van het iets wat bolle vruchthoofdje.

Voor de verspreiding van Bolderik in Engeland zie deze kaart.

De Franse naam is Nielle des blés. Een mogelijke verklaring van het woord Nielle is dat het zou kunnen komen van het Latijnse Nigella, wat "zwart" betekent, naar de donkere kleur van het zaad. Dès betekent "van de" en Blés is een algemene term voor verscheidene soorten granen.

De Duitse naam is Kornrade. Korn betekent "graan". De herkomst van het woord Rade is mij nog onbekend.

De Spaanse naam is Neguilla. Deze naam komt waarschijnlijk van het Latijnse woord Niger dat "zwart" betekent, de kleur van het zaad. Dit wordt ook uitgelegd bij de Nederlandse naam. 

In Spanje kent men minstens vier namen voor elke plant. De algemene volksnaam, de Catalaanse naam (Provincie in Noord+Oost Spanje tegen de Pyreneeën aan), de Gallische naam (provincie in Noord-West-Spanje) en de Baskische naam (provincie in West-Spanje tegen de Pyreneeën aan). Ik heb de meest voorkomende algemene naam gebruikt,

De Italiaanse naam is Gittaione comune. Gittaione is de Italiaanse benaming voor het tweede gedeelte van de wetenschappelijke naam. Comune betekent "gewoon/alledaags".

Er is niet één specifieke Italiaanse naam voor een plant, dit verschilt per regio. Er is een algemene volksnaam en ook nog een variatie of een volledige andere naam in een van de 17 provincies. Ik heb de meest voorkomende algemene naam gebruikt.

De Zweedse naam is Klätt. Dit betekent "kleden/bekleden". Waarom is mij tot nu toe onbekend.

Voor de verspreiding van Bolderik in Zweden zie deze kaart.

De Noorse en Deense naam is Klinte. Dit is een algemene benaming voor "onkruid".

Ecologie & Verspreiding

Bolderik staat op open, zonnige en vochtige, matig voedselrijke, meestal kalkrijke löss-, zand-, leem- en kleibodems. Ze groeit in rogge- en wintergraanakkers, maar wordt ook als sierplant gebruikt. De plant was wereldwijd verspreid als graanonkruid, maar is overal zeer sterk achteruit gegaan. In Nederland was de soort zeldzaam, het meest nog in Zuid-Limburg en in het rivierengebied. De oorzaak van de zeer sterke achteruitgang is de hedendaagse zaadzuivering en de intensievere akkerbouw. De plant is viltig behaard, heeft langwerpige, spitse bladeren en alleenstaande, tweeslachtige, paarse of zelden witte bloemen. De vijf spits uitlopende kelkslippen zijn langer dan de kroonbladen die bestaan uit een lange nagel en een breed afgerond en tot iets ingesneden plaat. De na bestuiving gevormde, zwarte zaden zijn giftig door saponinen en kortlevend. Ze is in Nederland tegenwoordig alleen nog bekend van enkele akkerreservaten of als verontreiniging in graan of fazantenvoer. De giftige zaden werden vroeger samen met het graan geoogst en tot meel vermalen en veroorzaakten ernstige gezondheidsklachten en soms erger.

CC-BY-SA 3.0 René van Moorsel, 2014

Meer

Zie ook de Nederlandse verklaring.

Verspreiding Agrostemma githago

FLORON Verspreidingsatlas vaatplanten

Foto's