Algemeen

Allium paradoxum is met geen enkele andere plant te verwarren. Deze typische plant met een driekantige! stengel is dan ook snel op naam gebracht. In het wild staat hij op de verspreidingskaart alleen aan de noord-Hollandse en zuid-Hollandse kust en nog wat andere plaatsen. Het is een typische heemtuin plant en een echte stinzenplant. Hij bloeit dan ook al in April tot Juni.

Er komen in minstens 6 soorten Look (Allium) in het wild voor in Nederland:

Verklaring Wetenschappelijke naam

De officiële wetenschappelijke naam is Allium paradoxum  (M. Bieb.) G. Don

De verklaring voor het woord Allium is onzeker. Er zijn meerdere mogelijke verklaringen o.a.:

  • Het woord is afgeleid van het Latijnse werkwoord Olere. Dit betekent "ruiken".
  • Allium is afgeleid van het Griekse ἀλέω/aleo dat "vermijden" betekent. Natuurlijk vanwege de ui/knoflookgeur.

Paradoxum kom uit het Grieks en betekent "tegen de verwachting ingaand". Dit kan betekenen dat hiermee word bedoeld dat de plant in vorm afwijkt van de gebruikelijke vorm van Allium. Meer kan de naam Paradoxum niet betekenen.

Meestal staat er achteraan de wetenschappelijke naam een afkorting. Dit is de afkorting van een wetenschapper/botanist die deze plant deze plant heeft ontdekt/verzameld en tot details heeft beschreven. Soms staat er een tweede afkorting. Dan heeft een andere wetenschapper/botanist de plant nog beter  beschreven en iets gewijzigd. De eerste naam komt dan tussen haakjes te staan. In dit geval is dit (M. Bieb.) en G. Don.

M. Bieb staat voor Baron Friedrich August Marschall von Bieberstein (30 juli 1768 - 28 juni 1826). Hij was een vroege ontdekkingsreiziger van de flora en archeologie van het zuidelijke deel van het keizerlijke Rusland , met inbegrip van de Kaukasus en Novorossiya . Hij stelde de eerste uitgebreide floracatalogus van de Krim-Kaukasische regio samen.

G. Don staat voor George Don (29 april 1798 - 25 februari 1856) was een Schotse botanicus en plantenverzamelaar.

Namen in andere talen

  • English: Few-flowered Garlic, Few Flowered Leek
  • Français: Ail paradoxal
  • Deutch: wunder/Seltsamer Lauch
  • Espanõl: ?
  • Italiano: ?
  • Svenska: Snödroppslök
  • Norsk: Snøklokkeløk
  • Dansk: Spøjs løg

Verklaring Buitenlandse namen

Er zijn twee Engelse namen:

  1. Few-flowered Garlic: Few betekent "een paar" Flowered betekent "bloemig" en Garlic betekent "knoflook". Deze beschrijving klopt wel. De plant telt in tegenstelling tot bijv. Daslook (Allium ursinum)  en Kraailook (Allium vineale) minder bloemen per stengel en de plant is familie van de Knoflook.
  2.  Few Flowered Leek: Few betekent "een paar" Flowered betekent "bloemig" en Leek betekent "prei". Soms word deze plant als groente gegeten.

Voor de verspreiding van Armbloemig look in Engeland zie deze kaart.

De Franse naam is Ail paradoxal: Ail betekent "knoflook" en Paradoxal komt van Paradoxum (Latijn) komt van paradoxa en betekent "in strijd met de gewone mening". Dit kan betekenen dat hiermee word bedoeld dat de plant in vorm afwijkt van de gebruikelijke vorm van Allium. Maar zeker weten doe ik dit niet.

De Duitse naam is Wunder/Seltsamer Lauch: Wunder betekent natuurlijk "wonder" maar waarom is mij onbekend. Seltsamer betekent "zeldzaam" en  Lauch "look", wat duidt dat deze plant in Duitsland (ook) zeldzaam is.

De Spaanse en Italiaanse naam is mij onbekend. Er zijn ook geen waarnemingen.

De Zweedse naam is Snödroppslök. Dit betekent "sneeuwvallook". Niet vanwege de sneeuwval maar vanwege de gelijkenis met de bloemen van het Gewoon sneeuwklokje (Galanthus nivalis) , en hangend (val). En natuurlijk omdat familie is van veel andere soorten Look.

De Noorse naam is Snøklokkeløk. Dit betekent "sneeuwklokjes look", een kleine variant op de Zweedse naam.

Voor de verspreiding van Armbloemig look in Zweden zie deze kaart.

De Deense naam is Spøjs løg. Dit betekent letterlijk "grap look". Niet dat ze dit zo'n grappige plant vinden in Denemarken. Maar grap is ook te vertalen als "afwijkend/vreemd/afwijkend etc.", want dat is deze plant zeker! Het is natuurlijk ook een Deense benaming voor het tweede gedeelte van de wetenschappelijke naam.

Ecologie & Verspreiding

Allium paradoxum prefereert licht beschaduwde, vochtige en doorlatende, matig voedselrijke en zwak basische, stikstofrijke, klei-, leem- en zandgrond. Ze groeit in loofbossen en struwelen, op oevers en in akkerranden, op omgewerkte grond en ruderale plaatsen, in bermen en parken, op buitenplaatsen en in andere stinzenmilieu’s. De plant stamt oorspronkelijk uit bossen van de Kaukasus en Noord-Iran en Nederland ligt geheel binnen het ingeburgerde Europese areaal van deze Uiensoort. De geurige plant is zeer zeldzaam op buitenplaatsen aan de binnenduinrand tussen Voorne en Bergen en is verder her en der verspreid door verwildering vanuit tuinen of als opslag van tuinafval. De stengel is scherp 3-kantig, het alleenstaande blad is breed lijnvormig, vlak en achterwaarts gekromd. De witvliezige, lancetvormig toegespitste bloeischede is tweekleppig en omsluit een aantal glazig gele bloedbolletjes en meestal slechts één langgesteelde en overhangende witte bloem. In Nederland zet de plant geen vrucht en de verspreiding geschiedt dan ook uitsluitend door broedbolletjes.

CC-BY-SA 3.0 René van Moorsel & Niko Buiten, 2015

Meer

Zie ook de Nederlandse verklaring.

Verspreiding Allium paradoxum

FLORON Verspreidingsatlas vaatplanten

Foto's