Calystegia sepium/Convolvulus sepium

Algemeen

Haagwinde komt overal voor in Nederland, soms tot vervelens toe. Deze plant zet mensen vaak op het verkeerde been. Sinds de introductie van internet is de vraag vaak Akkerwinde (Convolvulus arvensis) of Haagwinde (Convolvulus sepium/Calystegia sepium). Vaak omdat de kleur van Haagwinde soms roze is Er zijn diverse verschillen. Allemaal te vinden in een flora. Akkerwinde bloeit in Juni tot in de herfst.

Op de website van Flora van Nederland is een Videodeterminatie van deze plant te zien.

Er komen minstens 3 soorten Windes (Calystegia) in het wild voor in Nederland:

  • Akkerwinde (Calysgia arvensis) - algemeen
  • Haagwinde (Calystegia sepium/Convolvulus sepium) - algemeen
  • Zeewinde (Convolvulus soldanella/Calystegia soldanella) - zeldzaam

Verklaring wetenschappelijke naam

De officiële wetenschappelijke naam is Convolvulus sepium L. of Calystegia sepium (L.) R.Br.

Convolvulus komt van Volvere (Latijn) en dit betekent rollen/inpakken/ronddraaien. Dit slaat op het "windgedrag" of op de typisch rondgedraaide ingevouwen bloemen.

Calystegia is afgeleid van Kalix (Grieks) en betekent "kelk". Stegia, komt van Stege (Grieks) en betekent "bedekking of dak", wat betrekking heeft op de schutbladen die bij haagwinde de kelk bedekken.

Sepium (Latijn) betekent "heg of haag", waarlangs de haagwinde omhoog klimt , vooral op enigszins vochtige en voedselrijke plaatsen. Sepium is weer afgeleid van Saepio wat "omheinen/afschutten" betekent.

De naam zegt alles over zijn groeiplaats en groeigedrag.

Meestal staat er achteraan de wetenschappelijke naam een afkorting. Dit is de afkorting van een wetenschapper/botanicus die deze plant deze plant heeft ontdekt/verzameld en tot details heeft beschreven. Soms staat er een tweede afkorting. Dan heeft een andere wetenschapper/botanist de plant nog beter  beschreven en iets gewijzigd. De eerste naam komt dan tussen haakjes te staan. In dit geval is dit L. en R.Br.

L. staat voor Carl Linnaeus. In 1753 beschreef hij de plant als Convolvulus sepium in de publicatie Species Plantarum.

     

R.Br. staat voor Robert Brown ( 21 december 1773 - 10 juni). Hij was een Schotse arts en een belangrijke botanicus. In 1795 was hij als militair arts in Ierland gestationeerd . Hij verzamelde daar talloze planten en ontmoette de Londense botanicus Sir Joseph Banks , die hem in staat stelde om op een onderzoeksschip deel te nemen aan een reis naar Australië . Van 1801 tot 1805 verzamelde en bestudeerde Brown daar bijna 4000! grotendeels onbekende plantensoorten. Uit eerbetoon werd hij o.a. 1812 verkozen tot Fellow of the Royal Society. Daarna volgde nog vele andere benoemingen. In 1849 tot 1853 was Brown voorzitter van de Linnean Society en publiceerde talrijke geschriften. O.a. de Prodromus Florae Novae Hollandiae et Insulae van-Diemen. In1810 beschreef hij hierin de plant als Calystegia sepium.

     

Meer

Zie ook de Nederlandse verklaring.

Namen in andere talen

  • Frysk: Spoekeblom
  • English: Hedge bindweed, Large wild morning glory
  • Français: Liseron des haies
  • Deutsch: Gewöhnliche Zaunwinde
  • Espanõl: Corregula mayor
  • Italiano: Vilucchio bianco
  • Svenska: Snårvinda
  • Norsk: Strandvindel
  • Dansk: Gærde-Snerle

Verklaring Buitenlandse namen

Er zijn drie Engelse namen:

  1. Hedge bindweed. Dit betekent letterlijk "hegge bindkruid". Precies wat deze plant doet.
  2. Large wild morning glory: Dit betekent "grote wilde ochtend glorie". Deze naam behoeft enige uitleg. De enorme witte bloemen van de plant zij de grootste bloemen die in het wild voorkomen. Met Ochtend glorie wordt bedoeld dat deze bloemen s'morgens met een zonnetje optimaal bloeien. Maar zoals zoveel bloemen, bij kou, schaduw en regen trekken de kroonbladen samen. Andere bloemen trekken zich hiervan niets aan.

Voor de verspreiding van Haagwinde in Engeland zie deze kaart.

De Franse naam is Liseron des haies. Liseron betekent "winde (dit is de algemene naam)".  De haies betekent "van de hagen".

De Duitse naam is Gewöhnliche Zaunwinde. Dit betekent "gewone hek/afscheiding winde".

Voor de verspreiding van Haagwinde in Duitsland zie deze kaart.

De Spaanse naam is Corregula mayor. De betekenis hiervoor is mij onbekend.

In Spanje kent men minstens vier namen voor elke plant. De algemene volksnaam, de Catalaanse naam (Provincie in Noord+Oost Spanje tegen de Pyreneeën aan), de Gallische naam (provincie in Noord-West-Spanje) en de Baskische naam (provincie in West-Spanje tegen de Pyreneeën aan). Ik heb de meest voorkomende algemene naam gebruikt.

De Italiaanse naam is Vilucchio bianco. Waarschijnlijk komt Vilucchio uit het vroegere Latijnse Volūculum. Hieruit is het Latijnse Volvo ontstaan, het eerste gedeelte van de tweede wetenschappelijke naam. Bianco betekent "wit", de kleur van de bloem. Er is niet één specifieke Italiaanse naam voor een plant, dit verschilt per regio. De hier genoemde naam kan ook nog varianten hebben.

Er is niet één specifieke Italiaanse naam voor een plant, dit verschilt per regio. Er is een algemene volksnaam en ook nog een variatie of een volledige andere naam in een van de 17 provincies. Ik heb de meest voorkomende algemene naam gebruikt.

De Zweedse naam is Vit snårvinda. Vit betrekent "wit", de kleur van de bloem. Dit betekent "struikgewas winde". Deze bloem is nooit alleen/seperaat te vinden maar altijd in een struikgewas gewonden.

Voor de verspreiding van Haagwinde in Zweden zie deze kaart.

De Noorse naam is Strandvindel. Dit betekent "strandwinde". Gek genoeg leggen ze in Noorwegen de nadruk op het voorkomen bij de kust e.d terwijl de plant in heel de wereld algemeen voor komt in landen met een gematigd klimaat, dus ook in Noorwegen.

De Deense naam is Gærde-Snerle. Dit betekent ook weer "afscheiding-winde".

Ecologie & Verspreiding

Ecologie

Bodem
Zonnige tot half beschaduwde plaatsen op natte tot vochtige, voedselrijke grond. Ook in brak milieu (alle grondsoorten behalve hoogveen).

Groeiplaats
Moerassen (rietland en het zoetwatergetijdengebied), waterkanten (o.a. aanspoelselgordels, kribben, stenen dijkbeschoeiingen, rietgordels langs zeearmen en greppels), heggen, houtwallen, struwelen, grienden, bosranden (moerasbossen), bossen (open plekken in moerasbossen), plantsoenen, langs hekwerken, tussen straatstenen, ruderale plaatsen, braakliggende grond, ruigten (natte ruigten), afgravingen, tuinen, akkers (bollenvelden en maisakkers) en zeeduinen (duindoornstruweel aan de rand van strandvlakten).

Verspreiding

Nederland
Zeer algemeen.

Vlaanderen
Zeer algemeen, maar iets minder algemeen in de duinen en in de Kempen.

Wallonië
Zeer algemeen, maar vrij zeldzaam in de Ardennen.

Wereld
Alle werelddelen, in gebieden met een gematigd klimaat.

Verspreiding Calystegia sepium/Convolvulus sepium

FLORON Verspreidingsatlas vaatplanten

Foto's