Epilobium ciliatum

Algemeen

De Basterdwederik is eigenlijk een mini Wilgenroosje, niet zo gek want dit plantje werd een poos gezien als een volwaardig lid van de Wilgenroosjes familie. Bijv. het Harig wilgenroosje (Epilobium hirsutum). De twintigste druk van de Heukels' Flora van Nederland van 1983 zijn al de soorten die in het Nederlands de naam basterdwederik droegen omgedoopt tot Wilgenroosje. Later is dit weer teruggedraaid. Verwarrend dus. Ook zal je deze plant niet vaak in de wilde natuur tegenkomen maar in de stad. Naar mijn idee een echte stadsplant dus. Ik zie hem in ieder geval altijd langs schuttingen, op straat en op elke andere plek in de stad.

Verklaring Wetenschappelijke naam

Epilobium komt van Epi (Grieks) en betekent "op", en van Lobos (Grieks) wat "hauw/peul" betekent. Dit omdat de bloem/kelk op het vruchtbeginsel geplaatst is.

Ciliatum komt van Cilium (Latijn) en betekent "wimpers" wat duidt op de lichte beharing van de plant.

Namen in andere talen

  • English: American willowherb
  • Français: Epilobe ciliée
  • Deutsch: Drüsiges Weidenröschen
  • Espanõl: Epibolio ciliado
  • Italiano: Garofanino cigliato
  • Svenska: Vit dunört
  • Norsk: Blygmjølke
  • Dansk: Hvid Dueurt

Verklaring Buitenlandse namen

Er zijn vier Engelse namen: 

  1. American willowherb: Dit betekent "Amerikaanse wilgenkruid".  De verklaring is dat de bladeren van deze plant op die van een wilg lijken (net zoals de Nederlandse verklaring). Ook in Amerika (Noord-Amerika) komt deze plant veel voor. Met name verschijnt deze plant als eerste nadat een groot gebied is afgebrand.

De Franse naam is Epilobe ciliée: Epilobe is het eerste deel is de wetenschappelijke benaming voor deze plant, Epilobium ciliatum (Beklierde basterdwederik). Alhoewel ik al heel snel Wilgenroosje als resultaat kreeg. Ciliée betekent "bedekt met wimpers" wat weer duidt op die haren die deze plant niet heeft.

De Duitse naam is Drüsiges Weidenröschen: Drüsiges betekent "beklierde" en Weidenröschen natuurlijk "weidenroosje".

Er zijn drie Italiaanse namen. Er is niet één specifieke Italiaanse naam voor een plant, dit verschilt per regio. De hier genoemde namen kunnen ook nog varianten hebben.

  1. Epilobio adenocaule. Epilobio is de Italiaanse benaming voor het eerste gedeelte van de wetenschappelijke naam. Adenkaule komt van het Griekse Adenosine dat "klier" betekent  en Caulon dat "Stengel" betekent. De naam verwijst naar met klierharen bezette stengel. Eigenlijk is dit een ondersoort.
  2. Epilobio cigliato. Dit is de Italiaanse benaming voor de volledige wetenschappelijke naam.
  3. Garofanino a fusto stretto. Garofanino betekent "fireweed". Deze volks naam wordt soms gegeven aan het Wilgenroosje (Chamerion angustifolium). A fusto a stretto betekent "met de smalle stengel".

De Zweedse naam is Vit dunört: Vit betekent "wit maar ook een soort tussen woord wat zoiets betekent als deel van". Dunört bestaat uit twee woorden Dun wat "dons" betekent en Ört/eurt/urt is de Scandinavische term voor "kruid"., dus Kruid van dons wat natuurlijk weer verwijst naar Harig Wilgenroosje.

De Noorse naam is Blygmjølke: Blyg betekent "bleek" en Mjølke "melken". Dit vind ik persoonlijk een vreemde naam omdat de Epilobium familie niks te maken heeft met melksap. Wel is de bloem enig sinds bleek (roze).

De Deense naam is Hvid Dueurt: Hvid betekent "wit/blank" en Duert  bestaat uit twee delen. Due betekent "duif" en Ört/eurt/urt is de Scandinavische term voor "kruid". Wit donskruid.

Wat ik bij alle verklaringen tegen kwam is dat niemand eigenlijk weet hoe het zit met deze omvangrijke familie. Deze pagina laat zien dat er tussen de 160 en 200 soorten!! Basterdwederiken zijn!! Aangezien een plantennaam niet in een keer ontstaat verandert hij ook niet met elk nieuw inzicht.

Ecologie & Verspreiding

Ecologie

Bodem
Zonnige, soms licht beschaduwde, open plaatsen op vochtige tot natte, voedselrijke of soms brakke, vaak omgewerkte grond (vrijwel alle grondsoorten).

Groeiplaats
Bermen, wallen, muren, akkers, zandplaten in bedijkte zeearmen, braakliggende grond, ruderale plaatsen, grasland (open plekken in uiterwaarden), langs spoorwegen (spoorbermen en spoorwegterreinen), haventerreinen, industrieterreinen, bouwterreinen, afgravingen (zandgroeven), plantsoenen, bloembakken, tussen straatstenen, moerassen, waterkanten (drooggevallen oevers en aanspoelselgordels langs rivieren), kapvlakten, verwaarloosde tuinen, grinddaken en dakgoten.

Verspreiding

Nederland
Plaatselijk vrij algemeen in Limburg, in Noord-Brabant, in het rivierengebied, in stedelijke gebieden en in het westen van het land. Zeldzaam in het noorden en noordoosten en zeer zeldzaam op de Waddeneilanden.

Vlaanderen
Plaatselijk algemeen. De soort heeft zich sterk uitgebreid.

Wallonië
Plaatselijk vrij algemeen.

Wereld
Oorspronkelijk komt de soort uit Noord-Amerika. Sinds het eind van de 19de eeuw is de plant ingeburgerd in Engeland. In Nederland werd Beklierde basterdwederik voor het eerst gevonden in 1915. Inmiddels heeft de plant zich over een groot deel van Noord-, West- en Midden-Europa uitgebreid.

Meer

Zie ook de Nederlandse verklaring.

Verspreiding Epilobium ciliatum

FLORON Verspreidingsatlas vaatplanten

Foto's