Galeopsis bifida

Algemeen

De gespleten Hennepnetel lijkt op de Gewone hennepnetel (Galeopsis tetrahit) maar het grote verschil is o.a  dat de paarsrode middenslip van de onderlip meer lang is dan breed en hij heeft tegen het einde van de bloeitijd omgerolde zijranden. Uiteraard zijn er meer verschillen. Het is een algemene plant. De Gespleten hennepnetel bloeit in Juli tot en met de herfst.

Er komen 7 soorten Galeopsis voor in Nederland:

Verklaring wetenschappelijke naam

De officiële wetenschappelijke naam is Galeopsis bifida Boenn.

Galeopsis komt van Galea (Grieks) en betekent "bunzing,wezel of marter", en van Opsis (Grieks) en betekent "uitzien" of "gezicht". Men vond de bloemkroon van deze plant lijken op de geopende bek van een bunzing, wezel of marter.

Bifida is Latijn en betekent "gespleten". Echt gespleten/in tweeën gedeeld is de bloem niet. Misschien is de naam gegeven vanwege de afwijkende middenslip. 

Meestal staat er achteraan de wetenschappelijke naam een afkorting. Dit is de afkorting van een wetenschapper/botanicus die deze plant deze plant heeft ontdekt/verzameld en tot details heeft beschreven. Soms staat er een tweede afkorting. Dan heeft een andere wetenschapper/botanist de plant nog beter  beschreven en iets gewijzigd. De eerste naam komt dan tussen haakjes te staan. In dit geval is dit Boenn. Dit staat voor Clemens Maria Franciscus von Bönninghausen (Herinckhave te Fleringen, 12 maart 1785 - Münster, 26 januari 1864) was een jurist, Nederlands en Pruisisch bestuursambtenaar, landbouweconoom, architect, botanicus, arts en pionier op het gebied van de homeopathie.

Namen in andere talen

  • English: Bifid hemp-nettle
  • Français: Galéopsis bifide
  • Deutsch: Zweispaltiger Hohlzahn
  • Espanõl: ?
  • Italiano:  Canapetta bifida
  • Svenska: Toppdån
  • Norsk:  Vrangdå
  • Dansk: Skov-Hanekro

Verklaring Buitenlandse namen

De Engelse naam is Bifid hemp-nettle. Dit betekent Bifid hennepnet. Het is een combinatie van het tweede gedeelte van de wetenschappelijke naam en het tweede gedeelte van de Nederlandse naam.

De Franse naam is Galéopsis bifide. Dit is de Franse benaming voor de volledige wetenschappelijke naam.

De Duitse naam is Zweispaltiger Hohlzahn.  Zweispaltiger betekent tweevoudige, doelend op de "in tweeën gedeelde" bloem. Met Holzahn wordt bedoeld dat de bloemen in kransen rond de steel in een beker zitten met borstelige stekende haren. Kenmerkend voor alle Hennepnetel soorten zijn de twee holle tandvormige uitsteeksels onder de bloemkroonlip.

De Spaanse naam is mij onbekend. Er zijn geen waarnemingen in Spanje.

De Italiaanse naam is Canapetta bifida. Canapetta komt van Canapa dat "hennep" betekent. Dus deze naam is ongeveer het zelfde als de Engelse naam. 

Er is niet één specifieke Italiaanse naam voor een plant, dit verschilt per regio. Er is een algemene volksnaam en ook nog een variatie of een volledige andere naam in een van de 17 provincies. Ik heb de meest voorkomende algemene naam gebruikt.

De Zweedse naam is Toppdån. Deze naam is mij nog onbekend. Het woord Då(n) is de Zweeds/Noorse term om een Hennepnetel aan te geven. Wat dit woord precies betekent is mij nog onbekend.

De Noorse naam is Vrangdå. Vrang betekent letterlijk volgens het Noorse woordenboek "aan de zijkant van het object dat naar binnen gericht is of bedoeld is om naar binnen te kijken, niet om zichtbaar te zijn ". Het is een beetje onduidelijk verhaal maar het geeft wel de afwijkende middenslip aan. Het woord Då(n) is de Zweeds/Noorse term om een Hennepnetel aan te geven. Wat dit woord precies betekent is mij nog onbekend.

De Deense naam is Skov-Hanekro. Skov betekent "bos", dus schaduwminnend. Hanekro betekent letterlijk "hanestrot/maagspier". Dit komt van een oude Deense uitdrukking "kro sig" wat zoiets betekent als "het vullen van de hanestrot". Simpel gezegd, het voederen van de haan/kippen. Kennelijk was Hennepnetel prima vogelvoer.

Ecologie & Verspreiding

Ecologie

Bodem
Zonnige tot licht beschaduwde, min of meer open plaatsen op matig vochtige tot vrij natte, matig voedselrijke, stikstofrijke en humusrijke, zwak zure grond (zand, leem en veen).

Groeiplaats
Ruigten (vooral op veen), bossen (loofbossen en plekjes met veel strooisel in moerasbossen), bosranden, struwelen, kapvlakten, moerassen (verruigend rietland), rietafvalhopen, verdrogende slootbagger in bermen en akkers.

Verspreiding

Nederland
Plaatselijk vrij algemeen in Zuid-Limburg, in het oosten en midden van het land en in laagveengebieden. Elders zeldzaam.

Vlaanderen
Vrij algemeen in de Kempen en de Zandleemstreek. Elders zeldzaam en plaatselijk ontbrekend.

Wallonië
Plaatselijk vrij algemeen. Het meest in de Ardennen.

Wereld
Gematigde en koelere streken op het noordelijk halfrond. Ingeburgerd in Noord-Amerika en Nieuw-Zeeland.

Meer

Zie ook de Nederlandse verklaring

Verspreiding Galeopsis bifida

Verspreiding Galeopsis bifida

FLORON Verspreidingsatlas vaatplanten