Lamium album

Algemeen

Witte dovenetel is een echte bijenplant. De plant bevat zoveel honing dat kinderen de bloemen uitknijpen zodat ze iets wat honing proeven. Bij het aanvliegen van de bloem worden insecten door een hefboommechanisme aan de meeldraden met stuifmeel overdekt, zodat ze bij de volgende bloem die ze bezoeken de bestuiving kunnen verzorgen. Dit principe werkt bij bijna elk lid van de de lipbloemenfamilie (Labiatae of Lamiaceae; beide namen zijn toegestaan) waar deze plant onderdeel van is. Witte dovenetel bloeit al in April tot en met de herfst.

Op de website van Flora van Nederland is een Videodeterminatie van deze plant te zien.

Verklaring Wetenschappelijke naam

Lamium is afgeleid van Lamos (Grieks) en betekent "muil, keelgat". Dit slaat op de muilvormige bloemkroon. In een oude beschrijving van de Dovenetel staat dat de bloem lijkt op de smoel van een kat, wanneer die bijten wil.

Album komt van Albus (Latijn) en betekent "wit", natuurlijk de kleur van de bloem. 

Namen in andere talen

  • English: White Dead-nettle
  • Français: Ortie blanche
  • Deutsch: Weiße Taubnessel
  • Espanõl:
  • Italiano: Falsa ortica bianca
  • Svenska: Vitplister
  • Norsk: Dauvnesle
  • Dansk: Døvnælde

verklaring Buitenlandse namen

De Engelse naam is White Dead-nettle. Dit betekent "witte dovenetel". Een brandnetel is meestal een plant met groene "bloemen" (er zijn bij echte Brandnetels geen bloemen) . Ter onderscheid heeft deze (nep)brandnetel, de Witte dovenetel is absoluut geen familie, dus witte bloemen.

De Franse naam is Ortie blanche. Dit is een combinatie van het eerste gedeelte van de wetenschappelijke naam van De Grote/Kleine brandnetel en het Franse woord Blanc dat "wit" betekent.

De Duitse naam is Weiße Taubnessel. Dit betekent ook "witte dovenetel", net zoals de Nederlandse naam.

De Zweedse naam is Vitplister. Dit betekent "witte plister". Plister is de algemene Zweedse naam voor "netel".

De Noorse en Deense naam is nagenoeg gelijk, Dauvnesle/Døvnælde. Dit betekent "dovenetel".

Ecologie & Verspreiding

Ecologie

Bodem
Zonnige tot vaak licht beschaduwde, vaak iets open plaatsen op vochtige, voedselrijke tot zeer voedselrijke, vaak omgewerkte grond (allerlei grondsoorten).

Groeiplaats
Bermen (ruige plaatsen en langs paden), dijken, grasland (sterk bemest weiland), bossen, bosranden, heggen, struwelen (voedselrijke zomen), boomgaarden, langs muren, braakliggende grond, ruige plantsoenen en ruderale plaatsen (o.a. bij mesthopen).

Verspreiding

Nederland
Zeer algemeen.

Vlaanderen
Zeer algemeen, maar iets minder algemeen in de Kempen.

Wallonië
Zeer algemeen, maar iets minder algemeen in de Hoge Ardennen.

Wereld
Gematigde streken in Europa en Azië. Ingevoerd in Noord-Amerika.

Meer

Zie ook de Nederlandse verklaring.

Verspreiding Lamium album

FLORON Verspreidingsatlas vaatplanten