Potentilla anserina

Algemeen

Zilverschoon is een taaie plant. Hij kan echt overal groeien en vermeerderd zich erg makkelijk door de lange uitlopende wortels. Ook heeft hij totaal geen last als er over hem gelopen wordt. Het is de enige Ganzerik met die zijdeachtige haartjes (zoals hierboven genoemd) dus altijd, en zonder twijfel,  makkelijk te herkennen. Zilverschoon bloeit vanaf Mei tot en met Augustus.

Op de website van Flora van Nederland is een Videodeterminatie van deze plant te zien.

Verklaring Wetenschappelijke naam

Potentilla komt van Potens (Latijn) en betekent "krachtig". Dit vanwege de geneeskrachtige werking.

Anserina komt van Anser (Latijn) en betekent "gans". Het woord Anserina wordt ook wel vertaald als "door ganzen geliefd", wat ook klopt want deze plant werd vroeger gebruikt als ganzenvoer.

Namen in andere talen

  • English: Silverweed
  • Français: Potentille des oies
  • Deutsch: Gänsefngerkraut
  • Espanõl:
  • Italiano: Cinquefoglia piede d'oca
  • Svenska: Gåsört
  • Norsk: Gåsemure
  • Dansk: Gåse-Potenti

verklaring Buitenlandse namen

De Engelse naam is Silverweed. Dit betekent "zilverkruid". Door de kleur van de haren aan de onderkant van de stengelbladeren krijgt het blad een zilverachtige kleur.

De Franse naam is  Potentille des oies. Dit is de Franse benaming voor de wetenschappelijke naam.

De Duitse naam is Gänsefingerkraut. Dit betekent "ganzenvingerkruid". Het woord Gans wordt bij het tweede gedeelte van de wetenschappelijke naam uitgelegd. Alle planten van het geslacht Ganzerik (Potentilla) heten in Duitsland Fingerkraut vanwege het feit dat de stengelbladeren gelijkenis tonen met vingers.

De Zweedse naam is Gåsört. Dit betekent "ganzenkruid". Ört/eurt/urt is de Scandinavische term voor "kruid".

De Noorse naam is Gåsemure. Dit betekent "ganzenmuur". Alle planten van het geslacht Ganzerik (Potentilla) heten in Noorwegen Mure. Waarom is mij onbekend.

De Deense naam is Gåse-Potenti. Dit betekent weer "ganzenpotentilla", net zoals de wetenschappelijke naam.

Ecologie & Verspreiding

Ecologie

Bodem
Zonnige, vaak open plaatsen op natte tot vochtige, matig voedselrijke tot voedselrijke, zwak zure tot kalkhoudende en vaak verstoorde of verdichte grond. Ook op brakke en zilte grond (alle grondsoorten, behalve hoogveen).

Groeiplaats
Akkers (o.a. maisvelden), tuinen, omgewerkte grond, braakliggende grond, opgespoten grond, zeeduinen (duinvalleien), kwelders of schorren (kwelderranden en kleiige laagten op strandvlakten), grasland (grasvelden), bermen, dijken, karrensporen, waterkanten (aanspoelselgordels, afgetrapte oevers en langs kreken en drinkpoelen in het kustgebied), puin, ruderale plaatsen, stortterreinen), uiterwaarden en afgravingen (leem- en kleiafgroeven).

Verspreiding

Nederland
Algemeen.

Vlaanderen
Algemeen.

Wallonië
Algemeen, maar vrij zeldzaam in de Ardennen.

Wereld
In Europa, Azië, Australië, Noord-Amerika en Chili. Vanuit Europa is de soort ingevoerd in andere werelddelen.

Meer

Zie ook de Nederlandse verklaring.

Verspreiding Potentilla anserina

FLORON Verspreidingsatlas vaatplanten