Teucrium scorodonia

Algemeen

Verklaring Wetenschappelijke naam

Teucrium is vernoemd naar Teukros, een Trojaanse prins die het kruid in een medicijn gebruikte.

Scorodonia komt van het Griekse Scordion. Het betekent "de reuk van look" want de Grieken noemen Look Scorodon omdat het zo’n sterke of kwalijke geur heeft. Gek genoeg heb ik tot nu toe nog nergens gelezen dat Valse salie naar knoflook ruikt.

Namen in andere talen

  • English: Wood sage
  • Français: Germandrée, Sauge des bois
  • Deutsch: , Lauch gamander
  • Espanõl:
  • Italiano: Camedrio scorodonia
  • Svenska: Lundgamander
  • Norsk: Firtann
  • Dansk: Klase kortlæbe

Verklaring Buitenlandse namen

De Engelse naam is Wood sage. Valse salie komt vaak voor in het bos (wood). Het woord Sage komt van het oud Franse Sauge. Dit komt weer van het Latijnse Salvia dat "genezen" betekent. De geneeskrachtige eigenschappen worden echter toegekend aan de Echte salie (Salvia officinalis). 

De Franse naam is Sauge des bois. Dit is de Franse benaming voor de Engelse naam.

De Duitse naam is Lauch gamander. Dit betekent "knoflook gamander". Het is een combinatie van de tweede wetenschappelijke naam en het woord Gamander dat meestal wordt toebedeeld aan deze plant. 

De Spaanse naam is

De Italiaanse naam is Camedrio scorodonia. Camedrio betekent "chamædrys". Dit woord wordt bij Algemeen uitgelegd. Scorodonia is de tweede wetenschappeljke naam.

De Zweedse naam is Lundgamander. Dit betekent ook "bosgamander" net zoals de Franse naam. 

De Noorse naam is Firtann. Deze naam is mij nog onbekend.

De Deense naam is Klase kortlæbe. Klase betekent "tros". De bloemen van deze plant groeien vanuit de oksels. Ze vormen samen naar één kant gekeerde trossen aan het eind van hoofdstengel en zijtakken. Kortlæbe betekent "korte lipbloemige". Hiermee wordt de voor Teucrium specifieke lipbloemen bedoeld. Dus de lipbloemen zonder bovenlip.  

Ecologie & Verspreiding

Ecologie

Bodem
Zonnige tot vaak licht beschaduwde plaatsen op droge, matig voedselarme, zwak zure, meestal kalkarme, maar soms kalkhoudende grond (zand, leem en stenige plaatsen).

Groeiplaats
Bossen (langs bospaden) bosranden, struwelen, hakhoutbosjes, kapvlakten, dijken (zandige plaatsen), bermen, langs spoorwegen (spoorbermen), zeeduinen (verlaten duinakkertjes), heide (ruige plaatsen), afgravingen (zandgroeven) en mijnsteenbergen.

Verspreiding

Nederland
Vrij algemeen in Zuid-Limburg, Noord-Brabant, Gelderland, Zeeuws Vlaanderen, in de Hollandse en Zeeuwse duinen en in het oosten en zuidoosten van het land en zeldzaam in Drenthe. Elders zeer zeldzaam.

Vlaanderen
Algemeen, maar zeldzaam in de duinen en langs de Maas en zeer zeldzaam in de Polders. Het meest in de Kempen, de Leemstreek en de Zand- en Zandleemstreek.

Wallonië
Vrij algemeen, maar vrij zeldzaam tot zeldzaam in Brabant.

Wereld
Van Portugal en Italië tot in Schotland en Noordwest-Duitsland. Zeer zeldzaam in Polen en Zuid-Scandinavië. Plaatselijk ingeburgerd in Noord-Amerika.

Meer

Zie ook de Nederlandse verklaring

Verspreiding Valse salie

FLORON Verspreidingsatlas vaatplanten

Foto's